October 5, 2026
a79eb13b3509963dacae99b6381fce7d

Het had een voetbalmiddag moeten worden. Een uitwedstrijd. Een vol uitvak. De spanning van de Eredivisie. De trots van duizenden Feyenoord-supporters die hun club achterna reizen.

Maar na twaalf minuten veranderde alles.

Vuurwerk werd vanuit het uitvak van Feyenoord afgestoken en afgeschoten. Brandende fakkels en vuurpijlen kwamen niet alleen op het veld terecht, maar ook in de richting van andere tribunes. Het duel tussen SC Cambuur en Feyenoord werd stilgelegd. Zeven Cambuur-supporters werden volgens de Friese club slachtoffer van het vuurwerk. Daarmee kreeg een toch al omstreden onderwerp binnen het Nederlands voetbal opnieuw een gezicht: dat van supporters die naar het stadion kwamen voor voetbal en ineens geconfronteerd werden met gevaar.

Feyenoord reageerde direct en noemde het incident ontoelaatbaar. Trainer Giovanni van Bronckhorst bood namens de club excuses aan. Algemeen directeur Robert Eenhoorn sprak zijn afschuw uit. Aanvoerder Luciano Valente maakte duidelijk dat de selectie hier niet achter staat.

Maar de gevolgen gingen verder dan een verklaring.

Feyenoord besloot zelf om de komende twee uitwedstrijden in de Eredivisie zonder eigen supporters te spelen. Later maakte de club bekend dat 47 personen een lokaal stadionverbod voor De Kuip krijgen, hun uitkaart wordt geblokkeerd en zij bij de KNVB worden aangemeld voor een landelijk stadionverbod.

En ondertussen veranderde ook het bredere Nederlandse voetbalbeleid.

Op 9 september kwamen KNVB, politie, Openbaar Ministerie, het ministerie van Justitie en Veiligheid en vertegenwoordigers van gemeenten bijeen. Een van de nieuwe afspraken is dat een wedstrijd direct wordt gestaakt wanneer vuurwerk naar het veld of andere tribunes wordt geschoten of gegooid.

De vraag die daardoor boven De Kuip hangt, is groter dan alleen de vraag wie er bij Cambuur vuurwerk afstak.

Hoe ziet de toekomst van de Feyenoord-aanhang eruit als vuurwerk steeds zwaarder wordt bestraft? En kan De Kuip zijn beruchte, indrukwekkende sfeer behouden zonder dat een kleine groep supporters de vrijheid van duizenden anderen bepaalt?

De twaalfde minuut die Feyenoord niet meer kan wegpoetsen

SC Cambuur en Feyenoord waren amper twaalf minuten onderweg toen de wedstrijd werd stilgelegd.

Het uitvak, gevuld met Feyenoord-supporters, werd het toneel van een grote vuurwerkactie. Het vuurwerk bleef niet beperkt tot een sfeeractie op de tribune. Er werden fakkels en vuurpijlen afgestoken en afgeschoten. Een deel kwam op het speelveld terecht en ook een naastgelegen tribune met Cambuur-supporters werd geraakt.

Scheidsrechter Danny Makkelie stuurde beide teams naar de kleedkamers.

De wedstrijd werd uiteindelijk hervat. Dat besluit leidde na afloop tot discussie, juist omdat supporters aan de kant van Cambuur gewond waren geraakt. Volgens de toen geldende procedure lag de verantwoordelijkheid voor de veiligheid op het veld bij de scheidsrechter en het competitiebestuur. Een definitieve staking volgde volgens het toen geldende protocol wanneer spelers of officials door vuurwerk werden geraakt.

Dat verschil bleek cruciaal.

Want vanuit het perspectief van een supporter op de tribune kan één vraag nauwelijks begrijpelijker zijn:

Als vuurwerk naar andere mensen wordt geschoten, waarom zou een voetbalwedstrijd dan nog doorgaan?

Precies die discussie heeft zich na Cambuur-Feyenoord in alle hevigheid ontwikkeld.

De KNVB verklaarde op 24 augustus dat het protocol waarover in de media werd gesproken betrekking had op de veiligheid van spelers, staf en officials op het veld. Voor de veiligheid in en rond het stadion zijn meerdere partijen verantwoordelijk. Per incident wordt gezamenlijk bekeken welke maatregelen nodig zijn.

Maar nog geen drie weken later kwam er een duidelijke aanscherping.

Vanaf september werd afgesproken dat het competitiebestuur betaald voetbal het protocol zo inzet dat een wedstrijd direct wordt gestaakt bij het schieten of gooien van vuurwerk naar het veld of andere tribunes.

De discussie bij Cambuur heeft daarmee rechtstreeks invloed gehad op de toekomst van wedstrijden in het Nederlands voetbal.


Zeven Cambuur-supporters werden slachtoffer

De eerste berichten spraken over vijf gewonden.

Een dag later kwam SC Cambuur met een nieuwe mededeling: niet vijf, maar zeven supporters waren slachtoffer geworden van het vuurwerk vanuit het uitvak. De club meldde dat zij contact zocht met de slachtoffers en passende nazorg wilde bieden.

Dat detail is belangrijk.

Niet om het incident groter te maken dan het was, maar juist omdat het laat zien waarom vuurwerk in een voetbalstadion geen onschuldige discussie over sfeer is.

SC Cambuur meldde brandwonden, gehoorschade en oogletsel als gevolgen van het incident.

Daarmee werd een discussie die jarenlang vaak ging over “sfeer” en “traditie” plotseling heel concreet.

Een fakkel is niet alleen een rood lichtpunt in een donkere voetbalavond.

Een vuurpijl is niet alleen een onderdeel van een choreografie.

Zodra vuurwerk wordt afgestoken of afgeschoten in een mensenmassa, ontstaat een risico dat de persoon die het afsteekt niet volledig kan controleren.

Dat is precies waarom de KNVB en de overheid het onderwerp steeds harder aanpakken.

De Rijksoverheid wijst erop dat vuurwerk in een stadion onder meer risico’s oplevert op brandwonden, gehoorschade, rookschade, paniek en brand. In een volle tribune kunnen de gevolgen van een incident bovendien groter worden doordat mensen dicht op elkaar staan.

En dat is misschien wel de belangrijkste les uit Cambuur-Feyenoord.

De discussie gaat uiteindelijk niet over vuurwerk als lichtshow. De discussie gaat over controle.

Wie controleert waar het vuurwerk terechtkomt?

Wie staat ernaast?

Wie zit er boven?

Wie zit er beneden?

En wat gebeurt er wanneer iemand besluit om een fakkel niet omhoog te houden, maar richting het veld of een andere tribune te sturen?

Op die vragen is na Leeuwarden een veel harder antwoord gekomen.


Feyenoord nam onmiddellijk afstand

Feyenoord wachtte niet af.

Nog dezelfde avond publiceerde de club een stevig statement waarin nadrukkelijk afstand werd genomen van wat er in het uitvak was gebeurd. Algemeen directeur Robert Eenhoorn noemde de gebeurtenissen ontoelaatbaar en benadrukte dat vooral de gewonde Cambuur-supporters hem bezighielden.

Dat was meer dan een standaardreactie.

De club maakte direct duidelijk dat camerabeelden bij SC Cambuur zouden worden opgevraagd. Wanneer daders konden worden geïdentificeerd, zouden zij in aanmerking komen voor een stadionverbod.

Ook vanuit de technische staf en spelersgroep kwam een duidelijke reactie.

Giovanni van Bronckhorst bood namens Feyenoord excuses aan aan SC Cambuur en de supporters. Aanvoerder Luciano Valente zei namens de selectie dat de spelers niet achter het gedrag staan en dat dit niet bij voetbal hoort.

Misschien nog veelzeggender was de reactie van Eenhoorn op de wedstrijd zelf.

Feyenoord had met 2-5 gewonnen, maar de algemeen directeur zei dat hij niet echt blij kon zijn met de overwinning omdat de frustratie over de gebeurtenissen overheerste.

Dat zegt veel.

Een overwinning van Feyenoord hoort normaal gesproken een zondagavond te kleuren. Een ruime uitzege, doelpunten, drie punten en een uitvak dat ontploft van vreugde.

In Leeuwarden werd de overwinning overschaduwd door wat er op de tribunes gebeurde.

En dat is misschien wel de grootste schade die vuurwerk aan een voetbalclub kan toebrengen.

Niet alleen een mogelijke boete.

Niet alleen een stadionverbod.

Maar het vermogen om nog gewoon over voetbal te praten.


Feyenoord koos voor een harde eigen sanctie

Drie dagen na het incident kwam Feyenoord met een besluit dat veel goedwillende supporters direct raakte.

De club nam de komende twee uitwedstrijden in de Eredivisie geen eigen supporters mee.

Het ging om de wedstrijden tegen N.E.C. op 5 september en PEC Zwolle op 13 september. Supporters die via Feyenoord al een kaart voor die duels hadden gekocht, kregen hun geld terug.

De club wist daarbij zelf dat de maatregel pijnlijk was.

Want de duizenden Feyenoord-supporters die zich wel gedragen, hadden niets te maken met het vuurwerk.

Zij reizen voor de club.

Zij kopen kaarten.

Zij zingen.

Zij maken uren vrij.

Zij stappen in bussen, treinen en auto’s.

Zij vormen het uitvak dat bij Feyenoord al generaties lang wordt gezien als een belangrijk onderdeel van de identiteit.

Toch besloot Feyenoord dat het niet anders kon.

Eenhoorn erkende dat de maatregel ook de grote meerderheid van trouwe en goedwillende uitsupporters zou duperen, maar vond de sanctie na wat er in Leeuwarden was gebeurd op zijn plaats.

Daar zit de kern van het probleem.

Hoe straf je een kleine groep zonder een hele achterban te raken?

Dat is een van de moeilijkste vragen in het moderne voetbal.


De prijs wordt betaald door de hele Feyenoord-aanhang

Een uitwedstrijd zonder Feyenoord-supporters voelt vreemd.

Voor een club als Feyenoord misschien nog wel vreemder dan voor veel andere clubs.

De uitvakken in Nederland zijn al decennialang een belangrijk onderdeel van de voetbalcultuur. De gezangen, vlaggen, trommels en massale aanwezigheid van supporters geven een wedstrijd een eigen karakter.

Feyenoord-supporters staan bovendien bekend om hun fanatieke steun, zowel in De Kuip als buiten Rotterdam.

Maar die cultuur heeft een kwetsbare grens.

Zolang sfeeracties veilig blijven, worden ze door veel supporters gezien als onderdeel van het voetbalfeest.

Wanneer vuurwerk op het veld of naar andere tribunes wordt geschoten, verandert de betekenis.

Dan is de vraag niet langer hoe indrukwekkend de actie eruitziet.

Dan gaat het om de vraag wie de risico’s draagt.

De Feyenoord-supporter die met zijn kind in een vak zit, draagt die risico’s.

De oudere supporter draagt ze.

De stewards dragen ze.

De spelers dragen ze.

De tegenstander draagt ze.

En uiteindelijk draagt ook de club de gevolgen.

Dat maakt collectieve maatregelen zo gevoelig.

Feyenoord heeft dat zelf erkend. De club wilde de goedwillende supporters niet raken, maar vond dat een harde reactie noodzakelijk was.

Het is precies die spanning die de komende jaren bepalend kan worden voor de supporterscultuur rond De Kuip.


47 stadionverboden: Feyenoord trekt een harde grens

Op 11 september kwam Feyenoord met een nieuwe update.

Na wekenlang onderzoek kregen 47 personen een lokaal stadionverbod voor De Kuip. Hun uitkaart werd geblokkeerd en de club meldde hen aan bij de KNVB voor een landelijk stadionverbod.

Dat getal maakt de zaak concreet.

Het gaat niet om een vaag “aantal supporters”.

Het gaat om 47 mensen die volgens Feyenoord betrokken waren bij de gebeurtenissen in Leeuwarden.

De club baseerde zich daarbij op uitgebreid beeldonderzoek.

En opvallend: Feyenoord keek niet uitsluitend naar mensen die daadwerkelijk vuurwerk hadden afgestoken.

Ook mensen die de actie coördineerden, grote spandoeken vasthielden om anderen aan het zicht te onttrekken of zich op andere manieren aan cameratoezicht onttrokken, werden meegenomen in het onderzoek.

Dat is een duidelijke verschuiving.

De verantwoordelijkheid stopt niet langer bij degene die letterlijk de fakkel vasthoudt.

Wie een actie mogelijk maakt, kan eveneens worden geconfronteerd met de gevolgen.

Dat is belangrijk voor de toekomst.

Want bij een grote vuurwerkactie is het vrijwel nooit zo eenvoudig als één persoon die spontaan een fakkel afsteekt.

Er is organisatie nodig.

Er is ruimte nodig.

Er is soms afscherming nodig.

En er is een groep nodig waarin iemand zich kan verschuilen.

Feyenoord heeft met de 47 stadionverboden duidelijk gemaakt dat ook die bredere betrokkenheid gevolgen kan hebben.


Een stadionverbod raakt meer dan negentig minuten voetbal

Voor een Feyenoord-supporter is een stadionverbod niet simpelweg “een tijdje niet naar een wedstrijd”.

Het betekent geen De Kuip.

Geen uitvak.

Geen Europese avond.

Geen klassieker vanaf de tribune.

Geen Champions League-avond tussen duizenden anderen.

Geen vaste plek waar misschien al jaren dezelfde vrienden naast elkaar staan.

Voor sommige supporters betekent het verlies van een belangrijk deel van hun sociale leven.

Maar precies daarom is het ook een zwaar instrument.

Een stadionverbod is bedoeld om duidelijk te maken dat er een grens bestaat.

Die grens ligt volgens de huidige regels ver voordat iemand daadwerkelijk iemand verwondt.

Het bezit en afsteken van illegaal vuurwerk is verboden. De KNVB meldt dat daders in het betaald voetbal worden opgespoord en kunnen worden bestraft met een landelijk stadionverbod van minimaal achttien maanden en een geldboete.

Daarbovenop kunnen clubs zelf maatregelen nemen.

Dat heeft Feyenoord nu gedaan.

De boodschap is simpel:

Wie de club gebruikt als decor voor een gevaarlijke actie, kan de club kwijtraken.


De nieuwe Nederlandse vuurwerkregel verandert het voetbal

Het vuurwerkverbod in het voetbal is overigens niet nieuw.

Dat is een belangrijk onderscheid.

Zelf vuurwerk afsteken was al verboden. De Rijksoverheid stelt expliciet dat consumenten geen vuurwerk mogen bezitten of afsteken en dat dit ook geldt voor voetbalsupporters in en rond stadions.

Wat wél nieuw is, is de strengere aanpak die na de incidenten van 2026 is afgesproken.

Op 9 september kwamen de belangrijkste partijen rond voetbalveiligheid samen. De Regiegroep Voetbal en Veiligheid stelde dat vuurwerk steeds vaker als wapen wordt ingezet en dat dit de veiligheid van supporters en spelers aantast.

Een van de belangrijkste nieuwe afspraken:

Wanneer vuurwerk naar het veld of naar andere tribunes wordt geschoten of gegooid, wordt de wedstrijd direct gestaakt.

Daarmee verschuift het uitgangspunt.

Het gaat niet meer alleen om de vraag of een speler geraakt is.

Het gaat om het gedrag zelf en het gevaar dat ermee wordt veroorzaakt.

Dat is een directe les uit Cambuur-Feyenoord.


Waarom deze regel voor Feyenoord belangrijk is

Feyenoord speelt zijn wedstrijden in een stadion waar de sfeer onderdeel is van de identiteit.

De Kuip is geen neutrale voetbaltempel.

Het geluid, de tribunes, de gezangen en de geschiedenis maken het stadion uniek.

Maar juist daardoor wordt de grens tussen sfeer en gevaar extra belangrijk.

Een fakkel op een gecontroleerde plek tijdens een georganiseerde show is iets anders dan een vuurpijl die door de lucht vliegt richting een andere tribune.

De Rijksoverheid maakt dat onderscheid eveneens. Professionele sfeeracties met vuurwerk kunnen onder voorwaarden plaatsvinden wanneer een professioneel bedrijf met de vereiste vergunningen het vuurwerk uitvoert.

De toekomst lijkt dus niet per se vuurwerkloos.

De toekomst lijkt vooral ongecontroleerd vuurwerkloos te moeten worden.

Dat is een belangrijk verschil voor de discussie binnen de Feyenoord-aanhang.

Want wie zegt dat alle sfeer moet verdwijnen, mist een deel van het probleem.

Het gaat niet om sfeer.

Het gaat om veiligheid en verantwoordelijkheid.


De landelijke vuurwerkwet maakt de discussie nog groter

Alsof de discussie over vuurwerk in voetbalstadions nog niet groot genoeg was, is in Nederland in 2026 ook een landelijk consumentenverbod op vuurwerk van kracht geworden.

De Rijksoverheid meldde op 1 juli dat het landelijke vuurwerkverbod voor consumenten op 1 augustus 2026 in werking trad. Het gaat om de Wet veilige jaarwisseling.

Dat betekent dat de maatschappelijke context rond vuurwerk fundamenteel aan het veranderen is.

Vuurwerk is niet meer alleen een discussie over voetbaltribunes.

Het is onderdeel van een veel bredere discussie over veiligheid, overlast, letsel en openbare orde.

Voor voetbalclubs betekent dat dat de tolerantie voor illegaal vuurwerk waarschijnlijk alleen maar kleiner wordt.

En voor Feyenoord-supporters betekent het dat oude gewoontes steeds moeilijker te verdedigen zijn met het argument dat “dit nu eenmaal bij voetbal hoort”.

Want de wet maakt steeds nadrukkelijker onderscheid tussen georganiseerde, professionele vuurwerkshows en het zelf meenemen en afsteken van vuurwerk.

Dat verschil zal de komende jaren belangrijk worden.


De Kuip staat voor een moeilijke keuze

De grote vraag is niet of Feyenoord-sfeer moet blijven bestaan.

Natuurlijk moet die blijven bestaan.

Zonder supporters is De Kuip slechts een stadion.

De ziel zit op de tribunes.

In de liederen.

In de spanning.

In de vlaggen.

In het moment waarop tienduizenden mensen tegelijk opstaan.

In de collectieve woede na een verkeerde beslissing.

In de ontlading na een doelpunt.

In Europese avonden waarop De Kuip verandert in een kolkende massa.

Dat alles hoeft niet te verdwijnen.

Maar de vraag is wel:

Welke vorm krijgt die sfeer?

De voetbalwereld gaat steeds nadrukkelijker richting een model waarin veiligheid niet onderhandelbaar is.

De Rijksoverheid, KNVB, politie, OM, gemeenten en clubs hebben afgesproken sterker samen te werken tegen vuurwerk. Ook technologie, identificatie van daders en strengere handhaving worden nadrukkelijk genoemd.

Daarmee wordt De Kuip mogelijk het toneel van een nieuwe fase.

Niet een fase zonder passie.

Maar een fase waarin passie steeds minder wordt gekoppeld aan overtredingen.


Kan de Feyenoord-aanhang zichzelf opnieuw uitvinden?

Dat is misschien wel de meest interessante vraag.

Feyenoord-supporters hoeven niet te kiezen tussen sfeer en veiligheid.

Ze kunnen kiezen voor een andere vorm van sfeer.

Een grotere choreografie.

Meer vlaggen.

Meer gezangen.

Grotere tifo’s.

Lichtshows.

Georganiseerde sfeeracties.

Professionele vuurwerkshows waar dat is toegestaan.

Alles wat een stadion kan laten ontploffen van emotie zonder dat een ander vak gevaar loopt.

De Rijksoverheid noemt professionele vuurwerkshows zelf als alternatief voor illegaal vuurwerk in stadions.

De verantwoordelijkheid ligt dus niet uitsluitend bij Feyenoord.

Ook de supporters zelf hebben invloed.

Want de machtigste supporterscultuur is niet noodzakelijk de cultuur die de meeste regels breekt.

Het kan juist de cultuur zijn die zichzelf weet te organiseren.


De toekomst van het uitvak is veranderd

De beslissing om twee uitwedstrijden zonder Feyenoord-supporters te spelen was voor velen een waarschuwing.

Niet alleen omdat twee uitvakken leeg bleven.

Maar omdat daarmee duidelijk werd hoe snel een incident de vrijheid van duizenden supporters kan beïnvloeden.

Een uitkaart is voor veel Feyenoord-fans waardevol.

Het geeft toegang tot uitwedstrijden.

Het maakt deel uit van een supportersleven dat verder gaat dan De Kuip.

Maar wanneer het vertrouwen wordt beschadigd, kan dat systeem onder druk komen te staan.

Feyenoord kan immers niet eindeloos accepteren dat een klein aantal mensen grote gevolgen veroorzaakt.

Daarom ligt er een nieuwe werkelijkheid.

Individuele daders moeten zo veel mogelijk individueel worden aangepakt.

Dat staat ook centraal in de landelijke aanpak.

De Regiegroep Voetbal en Veiligheid heeft aangegeven zoveel mogelijk dadergericht te willen werken, maar dat collectieve maatregelen nodig kunnen blijven bij herhaald wangedrag of zware escalaties.

Dat betekent dat Feyenoord-supporters zelf misschien wel de grootste belanghebbenden zijn bij het herkennen en stoppen van risicovol gedrag binnen de eigen groep.

Want niemand wil opnieuw een uitvak verliezen.


De 47 stadionverboden zijn een waarschuwing aan de hele achterban

De 47 stadionverboden zijn meer dan een straf voor de betrokken personen.

Ze vormen ook een signaal.

Feyenoord laat zien dat camerabeelden worden geanalyseerd.

Dat betrokkenheid wordt onderzocht.

Dat een uitkaart geen vrijbrief is.

En dat De Kuip niet automatisch een veilige haven blijft voor iemand die tijdens een uitwedstrijd de grenzen opzoekt.

De club begon na het incident met het analyseren van beschikbare beelden en probeerde personen te identificeren. Eerst sprak Feyenoord over enkele tientallen mensen die mogelijk in aanmerking kwamen voor een stadionverbod. Later werd dat aantal concreet: 47 personen kregen een lokaal stadionverbod.

Dat traject laat ook iets anders zien.

De gevolgen van een vuurwerkincident stoppen niet wanneer het vuurwerk is opgebrand.

Daarna begint het onderzoek.

Beelden worden bekeken.

Identiteiten worden vastgesteld.

Uitkaarten worden geblokkeerd.

Stadionverboden volgen.

En mogelijk komt er daarnaast nog een strafrechtelijk traject.

Feyenoord heeft aangegeven dat een eventuele strafrechtelijke afhandeling nog kan volgen en dat de KNVB verantwoordelijk is voor eventuele maatregelen die voortkomen uit een strafproces.

De wedstrijd duurt negentig minuten.

De gevolgen van een incident kunnen maanden of langer duren.


Feyenoord staat niet alleen in deze strijd

Het zou te makkelijk zijn om Cambuur-Feyenoord te presenteren als een probleem dat alleen bij Rotterdam ligt.

Dat doet Feyenoord zelf ook niet.

Eenhoorn stelde na het incident dat vuurwerk al decennialang een probleem is dat niet alleen bij Feyenoord speelt. Volgens hem moeten clubs, KNVB en autoriteiten samen zoeken naar oplossingen.

Dat is belangrijk.

Want een supporter die vuurwerk een stadion in krijgt, heeft te maken met meerdere schakels.

Toegangscontrole.

Veiligheidsorganisatie.

Cameratoezicht.

Politie.

Clubbeleid.

Supporterscultuur.

Handhaving.

Geen enkele partij kan het probleem volledig alleen oplossen.

De landelijke aanpak erkent dat ook.

De overheid noemt preventie, normstelling, handhaving en opsporing als onderdelen van één gezamenlijke aanpak.

Dat betekent dat het Nederlands voetbal op weg is naar een systeem waarin steeds meer informatie wordt gedeeld en waarin daders sneller moeten kunnen worden geïdentificeerd.

Voor de gemiddelde Feyenoord-supporter betekent dat misschien weinig.

Voor iemand die bewust regels probeert te omzeilen, betekent het waarschijnlijk heel veel.


Waarom De Kuip nooit stil mag worden

Toch schuilt er een gevaar in de nieuwe harde aanpak.

Als clubs alleen maar reageren met verboden, beperkingen en controles, kan er iets verloren gaan.

Namelijk het gevoel dat voetbal van de supporters is.

Feyenoord zonder zijn aanhang is moeilijk voor te stellen.

De geschiedenis van de club is verweven met de tribunes.

De Kuip heeft zijn reputatie niet gekregen door stilte.

De Kuip leeft door geluid.

Door emotie.

Door passie.

Door supporters die geloven dat hun aanwezigheid invloed heeft op wat er op het veld gebeurt.

Daarom zou het verkeerd zijn om de conclusie uit Cambuur-Feyenoord te trekken dat supporters minder belangrijk worden.

Het tegenovergestelde is waarschijnlijker.

Supporters worden belangrijker, maar hun verantwoordelijkheid wordt groter.

De toekomst van de Feyenoord-aanhang zal niet worden bepaald door de vraag hoeveel vuurwerk er in een uitvak kan worden afgestoken.

Ze wordt bepaald door de vraag hoeveel sfeer supporters kunnen creëren zonder anderen in gevaar te brengen.

Dat is een veel moeilijkere uitdaging.

Maar ook een veel interessantere.


De grootste vijand van Feyenoord is niet altijd de tegenstander

In voetbal wordt vaak gedacht in kampen.

Feyenoord tegen Ajax.

Feyenoord tegen PSV.

Feyenoord tegen de KNVB.

Feyenoord tegen de scheidsrechter.

Feyenoord tegen de rest.

Maar bij vuurwerk ligt het anders.

Hier hoeft Feyenoord geen tegenstander te verslaan.

De club moet een probleem binnen de voetbalcultuur oplossen.

En dat vraagt iets anders dan negentig minuten strijd.

Het vraagt discipline.

Geduld.

Samenwerking.

En vooral verantwoordelijkheid.

De supporters die in De Kuip staan, moeten beseffen dat hun acties invloed hebben op duizenden anderen.

De club moet tegelijk voorkomen dat maatregelen alleen de mensen raken die niets verkeerd hebben gedaan.

De KNVB moet zorgen dat regels duidelijk en voorspelbaar zijn.

De overheid moet zorgen voor handhaving.

En de politie en het OM moeten daders daadwerkelijk kunnen identificeren en vervolgen wanneer sprake is van strafbare feiten.

Het is geen simpele oplossing.

Maar na Cambuur-Feyenoord is één ding duidelijker dan ooit:

de oude tolerantie voor vuurwerk in het voetbal staat zwaar onder druk.


Wat betekent dit voor de Feyenoord-fan die niets verkeerd doet?

Dit is misschien wel het meest pijnlijke onderdeel.

De gewone Feyenoord-supporter kan alles goed doen en tóch gevolgen voelen.

Geen uitwedstrijd.

Strengere controles.

Minder vrijheid in het uitvak.

Meer toezicht.

Meer beperkingen.

En misschien een sfeer waarin iedereen automatisch verdacht wordt zodra ergens rook verschijnt.

Dat voelt oneerlijk.

En Feyenoord erkende dat zelf toen het de twee uitwedstrijden zonder supporters aankondigde. De club zei expliciet dat de grote meerderheid van trouwe en goedwillende uitsupporters door de maatregel werd gedupeerd.

Maar juist daarom wordt het belangrijk dat de club in de toekomst zoveel mogelijk dadergericht optreedt.

De 47 stadionverboden laten zien dat dit mogelijk is.

Camerabeelden kunnen worden gebruikt.

Betrokkenheid kan worden onderzocht.

Uitkaarten kunnen worden geblokkeerd.

En de KNVB kan worden ingeschakeld voor landelijke stadionverboden.

Hoe beter dat systeem werkt, hoe kleiner de kans dat opnieuw duizenden supporters collectief worden gestraft.


De nieuwe realiteit: vuurwerk kan een wedstrijd beëindigen

De belangrijkste verandering na Cambuur-Feyenoord is misschien wel psychologisch.

Een supporter die vuurwerk naar een andere tribune gooit, moet vanaf nu rekening houden met een directe sportieve consequentie.

De wedstrijd kan worden gestaakt.

Niet omdat een speler geraakt moet zijn.

Niet pas wanneer de situatie volledig uit de hand loopt.

Maar omdat het schieten of gooien van vuurwerk richting het veld of andere tribunes op zichzelf een grens vormt.

Dat is een krachtige boodschap.

Want uiteindelijk raakt een supporter met zo’n actie niet alleen de tegenstander.

Hij raakt zijn eigen club.

Een wedstrijd kan worden onderbroken.

Een wedstrijd kan worden gestaakt.

De club kan worden bestraft.

Uitwedstrijden kunnen zonder supporters worden gespeeld.

Individuele supporters kunnen een stadionverbod krijgen.

En de reputatie van een complete supportersgroep kan schade oplopen.

Daarmee wordt vuurwerk voor de fanatieke supporter misschien wel het slechtst denkbare wapen.

Het kan precies datgene vernietigen waarvoor de actie volgens de initiatiefnemers bedoeld zou zijn:

de sfeer.


Feyenoord nieuws gaat straks weer over voetbal

Dat is uiteindelijk de hoop.

Dat Feyenoord nieuws weer gewoon gaat over doelpunten.

Over transfers.

Over de prestaties van Giovanni van Bronckhorst.

Over jonge spelers die doorbreken.

Over Europese avonden.

Over De Kuip die ontploft na een beslissende goal.

Over de Eredivisie.

Over de vraag of Feyenoord kampioen kan worden.

Niet over de vraag hoeveel fakkels er zijn afgestoken.

Niet over hoeveel stadionverboden er zijn uitgedeeld.

Niet over welk uitvak leeg blijft.

Niet over welk protocol opnieuw moet worden aangepast.

De club heeft daar zelf al een duidelijke voorkeur voor uitgesproken.

Na Cambuur was Eenhoorn niet bezig met de vreugde van de 2-5 overwinning. De gebeurtenissen op de tribune overschaduwden voor hem de wedstrijd.

Dat is misschien de hardste conclusie van allemaal.

Vuurwerk kan zelfs een overwinning van Feyenoord verliezen.

Niet op het scorebord.

Maar in betekenis.


De toekomst van de Feyenoord-aanhang ligt bij de supporters zelf

De Feyenoord-aanhang staat nu op een kruispunt.

Aan de ene kant ligt de oude cultuur.

De cultuur van enorme sfeeracties.

De trots van het uitvak.

De fascinatie voor pyro.

Het idee dat een wedstrijd zonder vuurwerk minder indrukwekkend is.

Aan de andere kant ligt een nieuwe realiteit.

Strengere wetgeving.

Meer cameratoezicht.

Hardere stadionverboden.

Een landelijk consumentenverbod op vuurwerk.

Een aangescherpt voetbalprotocol.

En een club die heeft laten zien dat ze niet aarzelt om eigen supporters uit uitwedstrijden te weren en tientallen betrokkenen uit De Kuip te weren.

De keuze hoeft echter niet te zijn tussen sfeer en veiligheid.

Er is een derde weg.

Een supporterscultuur die bewijst dat ze de macht heeft om zichzelf te corrigeren.

Een cultuur waarin duizenden mensen luidruchtig, fanatiek en compromisloos achter Feyenoord staan, maar waarin ook wordt voorkomen dat één actie de rest van de aanhang straft.

Dat zou misschien wel de ultieme overwinning zijn.

Niet minder passie.

Maar betere passie.

Niet minder geluid.

Maar meer controle.

Niet een stille De Kuip.

Maar een De Kuip die weet waar de grens ligt.


De Kuip blijft De Kuip

Wie denkt dat strengere vuurwerkregels automatisch het einde van de Rotterdamse voetbalcultuur betekenen, kijkt te oppervlakkig.

Feyenoord heeft veel meer dan vuurwerk.

De kracht van de club zit in de mensen.

In de geschiedenis.

In de liederen.

In de vlaggen.

In de choreografieën.

In het collectieve geloof.

In de manier waarop een stadion kan veranderen wanneer Feyenoord een moeilijke wedstrijd moet omdraaien.

Vuurwerk is hooguit één onderdeel van die cultuur.

En misschien moet de supportersaanhang nu bewijzen dat ze groter is dan dat ene onderdeel.

Dat ze creatiever kan zijn.

Dat ze harder kan zingen.

Dat ze grotere tifo’s kan maken.

Dat ze een uitvak kan laten voelen als een thuiswedstrijd zonder dat er vuurpijlen door de lucht vliegen.

Dat is geen zwakte.

Dat is volwassen worden zonder je identiteit kwijt te raken.


Het echte gevecht begint nu

Cambuur-Feyenoord was geen incident dat eindigde toen de scheidsrechter opnieuw floot.

Het was het begin van een nieuwe fase.

Een fase waarin Feyenoord supporters harder worden aangesproken op hun gedrag.

Een fase waarin de club sneller ingrijpt.

Een fase waarin camerabeelden een steeds grotere rol spelen.

Een fase waarin collectieve sancties nog steeds mogelijk zijn.

Een fase waarin de KNVB en overheid het vuurwerkprobleem nadrukkelijker als veiligheidskwestie behandelen.

En een fase waarin wedstrijden sneller kunnen worden stilgelegd of beëindigd wanneer vuurwerk naar het veld of andere tribunes wordt geschoten.

De prijs van een vuurwerkactie wordt daarmee steeds hoger.

Maar de belangrijkste vraag blijft niet hoeveel stadionverboden er nog komen.

De belangrijkste vraag is:

Wanneer begrijpen de Feyenoord-supporters zelf dat ze de toekomst van hun eigen uitvak in handen hebben?

Want als een kleine groep ervoor zorgt dat duizenden mensen niet meer mogen reizen, dan is de schade groter dan één wedstrijd.

Als een kleine groep ervoor zorgt dat De Kuip zwaarder gecontroleerd moet worden, betaalt iedereen.

Als een kleine groep ervoor zorgt dat de club steeds harder moet optreden, verdwijnt een deel van het vertrouwen waarop een supporterscultuur is gebouwd.

Daarom ligt de sleutel niet alleen bij Feyenoord.

Hij ligt ook bij de aanhang.


Eén incident, een veel grotere les

De gebeurtenissen in Leeuwarden hebben laten zien hoe dun de lijn tussen sfeer en gevaar kan zijn.

SC Cambuur meldde zeven slachtoffers.

Feyenoord sprak zijn afschuw uit.

De club nam de komende twee uitwedstrijden geen supporters mee.

Vervolgens werden 47 personen lokaal geschorst van De Kuip en aangemeld bij de KNVB voor een landelijk stadionverbod.

Daarna werd ook het landelijke voetbalbeleid aangescherpt.

Vanaf september ligt er een duidelijker uitgangspunt: vuurwerk dat naar het veld of andere tribunes wordt geschoten of gegooid, moet leiden tot een directe staking van de wedstrijd.

En tegelijkertijd is in Nederland het landelijke consumentenverbod op vuurwerk in werking getreden.

Alles wijst dezelfde kant op.

De ruimte voor illegaal vuurwerk wordt kleiner.

De consequenties worden groter.

De controle wordt intensiever.

En de verantwoordelijkheid komt nadrukkelijker bij iedereen te liggen die betrokken is bij een voetbalwedstrijd.


De toekomst van Feyenoord is nog steeds rood-wit

Misschien is dat uiteindelijk de boodschap die overeind moet blijven.

Feyenoord wordt niet gedefinieerd door één vuurwerkincident.

De Feyenoord-aanhang evenmin.

Een supportersgroep van duizenden mensen is nooit één geheel.

Er zijn fanatieke fans.

Er zijn gezinnen.

Er zijn jonge supporters.

Er zijn oudere supporters.

Er zijn mensen die iedere uitwedstrijd bezoeken.

Er zijn mensen die alleen in De Kuip komen.

Er zijn supporters die sfeeracties organiseren.

En er zijn mensen die vooral negentig minuten naar voetbal willen kijken.

Al die mensen hebben één ding gemeen:

ze willen Feyenoord zien winnen.

De uitdaging voor de komende jaren is om dat gemeenschappelijke gevoel sterker te maken dan het gedrag van een kleine groep.

De Kuip hoeft niet stiller te worden.

De Kuip moet slimmer worden.

Het uitvak hoeft niet minder fanatiek te worden.

Het uitvak moet veiliger worden.

De Feyenoord-supporter hoeft geen afstand te doen van passie.

Maar passie mag nooit een excuus worden om andere supporters in gevaar te brengen.

Dat is de grens.

En na Cambuur-Feyenoord is die grens scherper getrokken dan ooit.

De volgende test voor Feyenoord

De echte test komt daarom niet tijdens één wedstrijd.

De echte test komt iedere keer wanneer tienduizenden mensen samenkomen in De Kuip.

Wanneer Feyenoord een belangrijke Europese avond speelt.

Wanneer een rivaal op bezoek komt.

Wanneer de spanning oploopt.

Wanneer het laatste fluitsignaal nadert.

Dan zal blijken of de supporterscultuur zichzelf kan beheersen zonder haar ziel te verliezen.

Want de toekomst van de Feyenoord-aanhang wordt niet beslist door de hoeveelheid vuurwerk die nog door de lucht kan vliegen.

Ze wordt beslist door iets veel krachtigers:

de vraag of tienduizenden supporters samen kunnen laten zien dat passie en verantwoordelijkheid wél naast elkaar kunnen bestaan.

Dat zou pas een sfeeractie zijn waar niemand voor hoeft weg te duiken.

Dat zou pas een boodschap zijn die De Kuip waardig is.

En misschien is dat precies wat Feyenoord na Cambuur nodig heeft.

Niet minder Feyenoord.

Maar een supporterscultuur die sterker is dan vuurwerk.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *